Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4361.

Het ging in dat arrest, kort gezegd, om de vraag of aan de koper van een auto die bij de koop niet het copie deel III van het kentekenbewijs (dat in die zaak overigens wèl op naam van de leverancier van de auto stond) had ontvangen, een beroep op goede trouw toekwam. Rechtbank en Hof hadden geoordeeld dat dat wel het geval was, en ook A-G Franx kwam tot dat oordeel, na een grondige analyse van de omstandigheden van het geval. Hij schrijft (in mijn parafrase) dat wie koopt van een hem bekende (en, voeg ik op eigen gezag toe: vertrouwde) leverancier, onvoldoende aanleiding heeft om navraag te doen naar een ontbrekend copie deel III, gegeven het feit dat het zeer wel mogelijk is dat degene die een auto aanbiedt daarover rechtmatig kan beschikken zonder een copie deel III te hebben.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/58c1ef87a109abdfe43e3d8152d41e803c2c0272e70dd00816461216322dc073. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 58c1ef87a109abdfe43e3d8152d41e803c2c0272e70dd00816461216322dc073, en de alinea staat in dat document op bytes 10835 tot 11638.