Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002
Alinea 68 Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4361.
3 Het prikkelt de nieuwsgierigheid enigszins dat maar zeer ten dele blijkt in hoeverre degenen die vóór [A] aanspraak op de auto meenden te hebben, zich in het niet onaanzienlijke tijdsverloop sedert de verwerving door Chrysler en [betrokkene 1], lijken te hebben afgevraagd waar "hun" auto toch gebleven was en waarom - naar men toch mag veronderstellen - er geen huurpenningen werden ontvangen. De bij het proces-verbaal van het getuigenverhoor in appel van 6 oktober 1999 gevoegde stukken geven daarvan wel een globale indruk, maar bepaald geen duidelijk beeld. Soms betreurt men dat de cassatieinstantie geen ruimte biedt om dit soort nieuwsgierigheid te bevredigen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/58c1ef87a109abdfe43e3d8152d41e803c2c0272e70dd00816461216322dc073. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 58c1ef87a109abdfe43e3d8152d41e803c2c0272e70dd00816461216322dc073, en de alinea staat in dat document op bytes 32867 tot 33552.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/58c1ef87a109abdfe43e3d8152d41e803c2c0272e70dd00816461216322dc073 | shasum -a 256