Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002

Alinea 75 Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4361.

10 Zie bijvoorbeeld Pitlo c.s., Goederenrecht, 2001, nr.154; (overigens kritisch) Gerbrandy, Praktijkgevallen Goederenrecht, 1995, p.221 - 222; Kleijn, noot bij NJ 1986, 810 sub V; Nieuwenhuis, AAe 1986, p. 793 - 794; Brahn, Kwartaalbericht NBW 1987, p. 28 - 29; zie ook Asser-Mijnssen- De Haan, 2001, nr. 333. Nieskens-Isphording en Schaminée, Advocatenblad 1988 p. 3 geven aan dat de praktijk inmiddels (op het voetspoor van het besproken arrest) een zeer strenge maatstaf voor de beoordeling van het beroep op goede trouw van de verkrijger hanteert.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/58c1ef87a109abdfe43e3d8152d41e803c2c0272e70dd00816461216322dc073. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 58c1ef87a109abdfe43e3d8152d41e803c2c0272e70dd00816461216322dc073, en de alinea staat in dat document op bytes 37086 tot 37652.