Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Alinea 75 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4367.

'Het hof heeft kennelijk geoordeeld dat in het onderhavige geval slechts op de eerste van deze drie mogelijkheden een beroep is gedaan (dat tussen de echtgenoten anders is overeengekomen, toevoeging van mij, A-G), doch heeft het bestaan van het ingeroepen beding niet aangenomen. In de door het hof vermelde stelling van belanghebbende dat het gestelde beding ertoe strekte te voldoen aan een op erflater rustende verplichting belanghebbende na zijn overlijden niet onverzorgd achter te laten en mede diende voor beloning van belanghebbende voor haar arbeid in de huishouding gedurende het huwelijk (mijn cursiveringen, A-G) ligt evenwel ook een beroep besloten op voldoening door de erflater aan een natuurlijke verbintenis. (...)'

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9c101f066552ac9a5ad2106db5f39126eacfc1be805eab24be99a595122e6fe2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9c101f066552ac9a5ad2106db5f39126eacfc1be805eab24be99a595122e6fe2, en de alinea staat in dat document op bytes 27514 tot 28260.