Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002
Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4378.
4.14. [verweerder] heeft de bevindingen van het TEC-rapport bestreden op het punt van de kosten die van de brutowaarde van het zand afgetrokken zouden moeten worden,(8) maar heeft niet gesteld dat de brutowaarde ad f 7,50 per m3 te laag zou zijn (zie voetnoot 2 van deze conclusie). Tegen het uitgangspunt van de rechtbank dat het zand commercieel f 7,50 per m2 waard is (en dus geen winningskosten in aanmerking worden genomen), zal [verweerder] dus geen bezwaar hebben (maar de Provincie wel, en mijns inziens terecht, zoals hierboven bleek), maar wel tegen de halvering. Zoals boven reeds opgemerkt, meede de rechtbank wellicht dat de kosten die het TEC-rapport opvoert en die de commerciële waarde van het zand nihiliseren, toegerekend moeten worden aan de tunnelaanleg en niet aan de zandwinning, mar dat is dan ongemoitiveerd en niet-begrijpelijk gebeurd. Evenmin begrijpelijk is de verdeling van de commerciële waarde bij helfte nu een dergelijke verdeling slechts past indien uitgegaan wordt van de subjectieve voordeelswaarde voor de onteigenende partij.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7e25fd470e8351cd4e34809c432bafe0a37348479ff2a6df2dd8d199aff0e6c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7e25fd470e8351cd4e34809c432bafe0a37348479ff2a6df2dd8d199aff0e6c8, en de alinea staat in dat document op bytes 29825 tot 30904.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7e25fd470e8351cd4e34809c432bafe0a37348479ff2a6df2dd8d199aff0e6c8 | shasum -a 256