Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002
Alinea 10 Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4430.
I.. In deze zaak waarin thans verweerster in cassatie, verder: [verweerster], thans eiser tot cassatie, verder: [eiser], bij dagvaarding van 3 augustus 1998 heeft aangesproken tot schadevergoeding wegens sexueel misbruik, heeft het Hof geoordeeld dat [verweerster] ten gevolge van de psychische ziekte waaraan zij door dat misbruik lijdt tot in 1998 verhinderd was haar recht op schadevergoeding tegenover [eiser] geldend te maken zodat, de verjaringstermijn van art. 3:310 lid 1 BW pas in 1998 is aangevangen en van verjaring van de vordering geen sprake is. Tegen dat oordeel richt zich het middel. Mijns inziens tevergeefs.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/23bbb2c5acb35bf1c4a271ffd37c3ce3d3a5a52cf04c669384a081df844b4eec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 23bbb2c5acb35bf1c4a271ffd37c3ce3d3a5a52cf04c669384a081df844b4eec, en de alinea staat in dat document op bytes 4214 tot 4853.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/23bbb2c5acb35bf1c4a271ffd37c3ce3d3a5a52cf04c669384a081df844b4eec | shasum -a 256