Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002

Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE4547.

7. De onderdelen 5 en 6 van het middel hebben ten opzichte van de onderdelen 1 t/m 4 een subsidiair karakter en klagen dat, indien al juist is het oordeel van het Hof dat het faillissement van [betrokkene 1] dat ingevolge art. 350 lid 5 Fw van rechtswege voortvloeit uit de beëindiging van de toepassing van de schuldsaneringsregeling te zijnen aanzien op de voet van art. 350 lid 3 sub c, d en e Fw, ook [verzoekster] treft, het Hof niet zonder een belangenafweging, die ontbreekt, had mogen beslissen dat ook ten aanzien van [verzoekster] - met het in art. 350 lid 5 Fw bedoelde gevolg - de toepassing van de schuldsaneringsregeling beëindigd dient te worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/956542ffa9badd622366af565e6d44c6238f3b385a2c05bc975065cbb210bf84. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 956542ffa9badd622366af565e6d44c6238f3b385a2c05bc975065cbb210bf84, en de alinea staat in dat document op bytes 10157 tot 10833.