Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002
Alinea 104 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE5572.
Ik leid hieruit af dat de door de Hoge Raad in deze arresten geformuleerde uitzondering op de regel dat bij de waardebepaling van het onteigende rekening moet worden gehouden met de bestemming die bij bestemmingsplan aan het onteigende is gegeven, is gebaseerd op de regel dat bij de bepaling van de in art. 40 oud Ow bedoelde werkelijke waarde van het onteigende geen rekening mag worden gehouden met de waardevermeerdering of waardevermindering teweeggebracht door niets anders dan hetgeen de onteigenaar zelf aanlegt en de plannen daarvoor. De Hoge Raad maakt hiermee een onderscheid tussen het plan voor het werk en het bestemmingsplan. Het plan voor het werk, moet, als zijnde een concreet, met de onteigening in verband staand, plan weggedacht worden; het bestemmingsplan, als globaal plan, niet.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef8e8678230d7926d0caeb52756b68b3343167b82e061010babfba252b7fb0fc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef8e8678230d7926d0caeb52756b68b3343167b82e061010babfba252b7fb0fc, en de alinea staat in dat document op bytes 33423 tot 34238.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ef8e8678230d7926d0caeb52756b68b3343167b82e061010babfba252b7fb0fc | shasum -a 256