Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002
Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE5578.
3.4 Dat lijkt inderdaad vanzelfsprekend. Het voordeel van gebruik van compensatiegronden ontstaat op het moment waarop [eisereres tot cassatie] de beschikking over die gronden kreeg en duurt voort tot het moment waarop die gronden betaald moeten worden dan wel het moment waarop de beschikking over die gronden eindigt doordat [eisereres tot cassatie] het aanbod niet aanvaardt. De verwijzing naar art. 55, lid 3, Onteigeningswet is mijns inziens een kennelijke vergissing. Ik ga er daarom, met de steller van het eerste principale middel hieronder verder vanuit dat de rechtbank het voordeel van gratis grondgebruik heeft afgezet tegen de rente over het verschil tussen het voorschot en de schadeloosstelling tussen de datum van inschrijving van het onteigeningsvonnis en het eindvonnis.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/914cd1dba7dea5e863a76682962a73fdc859a841449dec1a714c2e9ab903cad3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 914cd1dba7dea5e863a76682962a73fdc859a841449dec1a714c2e9ab903cad3, en de alinea staat in dat document op bytes 12488 tot 13289.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/914cd1dba7dea5e863a76682962a73fdc859a841449dec1a714c2e9ab903cad3 | shasum -a 256