Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 oktober 2002

Alinea 17 Parket bij de Hoge Raad 22 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE5589.

8. Dat standpunt is geenszins onverdedigbaar, aangezien uit de wetsgeschiedenis blijkt dat de invoering van art. 69, vierde lid, AWR verband hield met de vaststelling dat vervolging van (kort gezegd) een fiscaal vergrijp op basis van art. 225, tweede lid, Sr geen recht doet aan bijzondere bepalingen die het fiscale strafrecht kent, met name de beslissingsbevoegdheid van de belastingdienst (waaronder de aan het bestuur van 's Rijks belastingen toegekende transactiebevoegdheid) en de zogenaamde 'inkeerregel' (thans opgenomen in art. 69, derde lid, AWR).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd89a34341d932e71a9dcc52888b670d96d06699d950b061a91bd3d26e0cd514. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd89a34341d932e71a9dcc52888b670d96d06699d950b061a91bd3d26e0cd514, en de alinea staat in dat document op bytes 9768 tot 10338.