Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002
Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE5591.
6. Die stelling berust op een verkeerd begrip van de in HR NJ 1985, 775 genomen beslissing. Daarin ging het er om dat een dagvaarding op het parket was teruggekomen omdat die dagvaarding niet kon worden betekend. Vervolgens liet de officier van justitie een andere dagvaarding aanmaken en uitsturen. De Hoge Raad oordeelde dat in zo'n geval, waarin een uitgestuurde maar niet betekende dagvaarding bij het parket is teruggekomen terwijl aan die dagvaarding geen verder gevolg is gegeven, een redelijke uitleg van art. 258, eerste lid, Sv meebrengt dat die dagvaarding wordt aangemerkt als een dagvaarding die niet is uitgegaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a98446f364240e082481055406190f86013871811a3ff57e0cebce4aab588ca5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a98446f364240e082481055406190f86013871811a3ff57e0cebce4aab588ca5, en de alinea staat in dat document op bytes 7228 tot 7869.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a98446f364240e082481055406190f86013871811a3ff57e0cebce4aab588ca5 | shasum -a 256