Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE5591.

11. Blijkens de hiervoor genoemde betalingsverplichting die het Hof verzoeker heeft opgelegd, heeft het in de overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM bij de behandeling van de ontnemingsvordering in hoger beroep, kennelijk mede bezien in verband met het verzuim de ontnemingsvordering "zo spoedig mogelijk" na het wijzen van het vonnis in de strafzaak aanhangig te maken, aanleiding gevonden de maatregel van f 1.454.581,= terug te brengen tot f 1.309.000,=. Dat is een vermindering met ongeveer tien procent.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a98446f364240e082481055406190f86013871811a3ff57e0cebce4aab588ca5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a98446f364240e082481055406190f86013871811a3ff57e0cebce4aab588ca5, en de alinea staat in dat document op bytes 13822 tot 14384.