Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2002

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE5651.

In de onderhavige zaak gaat het om een organisatie die het oogmerk al in de praktijk bracht. Dat de organisatie wisseltransacties uitvoerde zonder vergunning van de Nederlandsche Bank blijkt niet uit de gebezigde bewijsmiddelen. Dit behoeft echter niet tot cassatie te leiden, nu het hier een kennelijke omissie van het hof betreft. In de samenhangende zaak tegen mededader [betrokkene 5] (griffienummer 02119/01), in welke zaak eveneens cassatie is ingesteld en waarvan het dossier mij derhalve bekend is, heeft het hof als bewijsmiddel voor het tenlastegelegde "medeplegen van opzettelijke overtreding van art. 4 van de Wet inzake de wisselkantoren, meermalen gepleegd" twee geschriften opgenomen. Het betreft een brief d.d. 23 april 1998 (bewijsmiddel 26) en een brief d.d. 20 april 1998 (bewijsmiddel 27) van de adjunct-afdelingsdirecteur van de Sector Toezicht-banken, beleggingsinstellingen en wisselkantoren van De Nederlandsche Bank, waaruit volgt dat [betrokkene 1], [betrokkene 6], [verdachte], [betrokkene 5] en [betrokkene 2] geen van allen zijn ingeschreven in het Register van wisselkantoren en dat evenmin een vrijstelling of ontheffing aan deze personen is verleend van het in art. 4 van de Wet inzake de wisselkantoren vervatte verbod.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8af306dfdba4984a88a92c4f37bb518b83df23a7a23f73d6aa9c311c7117140c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8af306dfdba4984a88a92c4f37bb518b83df23a7a23f73d6aa9c311c7117140c, en de alinea staat in dat document op bytes 18706 tot 19972.