Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2002

Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE5654.

- het hof heeft ten onrechte geoordeeld dat de officier van justitie bevoegd was zo een opdracht te geven, nu er primair geen sprake was van een opsporingsonderzoek in de zin van art. 132a Sv en subsidiair het DNA-onderzoek niet had mogen plaatsvinden op basis van art. 151a Sv dat slechts toepassing vindt indien er géén bekende verdachte is. In casu bestond echter kennelijk reeds een verdenking tegen verzoeker gezien het feit dat de officier van justitie aan het NFI een gericht verzoek deed om het profiel van verzoeker met de sporenprofielen te vergelijken;

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e1685d8bdd0f4d8b57e4b02ac1787da2a63905c4260da0e10a1c592772a88ea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e1685d8bdd0f4d8b57e4b02ac1787da2a63905c4260da0e10a1c592772a88ea, en de alinea staat in dat document op bytes 15022 tot 15600.