Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2002

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE5674.

De enkele omstandigheid dat de rechtbank die het vonnis tegen de verdachte [...] wees tevens de zaak tegen de medeverdachte [...] heeft behandeld (deze laatste zaak deels met gesloten deuren) brengt niet zonder meer mee dat niet meer van een "impartial tribunal" als hiervoor bedoeld kan worden gesproken. Ook overigens is dat niet gebleken of aannemelijk geworden. De verdediging heeft nog opgemerkt dat de vrees van verdachte dat hij geconfronteerd zou worden met een rechtbank die jegens hem vooringenomenheid koesterde objectief gerechtvaardigd was. Ook daarvan is aan het hof evenwel niet gebleken. Het hof constateert voorts dat door of namens verdachte ondanks die gestelde vooringenomenheid van de rechter in eerste aanleg niet diens wraking is voorgedragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4195bda297b5e3aed2c72315acbd56a5cd9ba65999e5a190b35bd5ae617bcc43. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4195bda297b5e3aed2c72315acbd56a5cd9ba65999e5a190b35bd5ae617bcc43, en de alinea staat in dat document op bytes 20155 tot 20934.