Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2002

Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE5674.

32. Gelet op de wijze waarop het verweer is gevoerd is het, met andere woorden, op toereikende wijze verworpen. De in de toelichting op het middel genoemde uitspraken van het EHRM kunnen niet tot een ander oordeel voeren. Die uitspraken zien op het beginsel dat alle partijen in een procedure gelijkelijk toegang moeten hebben tot al het materiaal waarop de rechter zijn beslissingen in de zaak zal baseren. In de verwerping van de gevoerde verweren ligt het oordeel besloten dat de processen-verbaal betreffende de met gesloten deuren gehouden terechtzittingen in de zaak tegen [medeverdachte] niet zijn aan te merken als materiaal dat aan de Rechtbank is verschaft teneinde in de beoordeling van de strafzaak tegen verzoeker te worden betrokken, terwijl de onpartijdigheid die bij de leden van de Rechtbank uit hoofde van hun aanstelling moet worden aangenomen meebrengt dat er, nu geen klemmende aanwijzingen voor het tegendeel zijn gebleken, vanuit moet worden gegaan dat de Rechtbank de behandeling met gesloten deuren van de zaak tegen [medeverdachte] volledig buiten beschouwing heeft gelaten bij haar beslissingen in de zaak tegen verzoeker.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4195bda297b5e3aed2c72315acbd56a5cd9ba65999e5a190b35bd5ae617bcc43. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4195bda297b5e3aed2c72315acbd56a5cd9ba65999e5a190b35bd5ae617bcc43, en de alinea staat in dat document op bytes 37423 tot 38585.