Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 oktober 2002
Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 15 oktober 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE6876.
Met zijn overweging "Het stond het Openbaar Ministerie uiteraard niet vrij om de voorlopige hechtenis van C[] te vorderen louter met het oog op het belang van de verdachte om C[] als getuige te horen." heeft het Hof het terzake aangevoerde derhalve terecht verworpen. Of 's Hofs (aldus bezien ten overvloede gegeven) oordeel dat het Openbaar Ministerie in redelijkheid kon beslissen tegen C[] geen voorlopige hechtenis te vorderen al dan niet juist is kan dus buiten beschouwing blijven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bcc88d3e7e0eb88311e8573f1a8ff0f37d213a18b65d725dc7499eb148e7c3a5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bcc88d3e7e0eb88311e8573f1a8ff0f37d213a18b65d725dc7499eb148e7c3a5, en de alinea staat in dat document op bytes 15001 tot 15501.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bcc88d3e7e0eb88311e8573f1a8ff0f37d213a18b65d725dc7499eb148e7c3a5 | shasum -a 256