Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 november 2002

Alinea 86 Parket bij de Hoge Raad 29 november 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE7011.

3.14 In het licht van het voorafgaande kom ik niet toe aan de vraag wat in art. 2:24c BW is bedoeld met deelneming, noch ook aan de strekking van art. 2:164 lid 1 onder e BW waaraan met name [eiser] in deze procedure ampel aandacht heeft geschonken. Ten overvloede ga ik daarop nochtans in. Daarbij wordt eerst aandacht geschonken aan het juridische aspect van deze vraag. Onder 3.22 e.v. wordt het betoog toegestiptst op de onderhavige zaak.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0ef0927d111981f349051d50e81f82361725e88929981d7f2d9589a17aaac00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0ef0927d111981f349051d50e81f82361725e88929981d7f2d9589a17aaac00, en de alinea staat in dat document op bytes 30826 tot 31281.