Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Alinea 68 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE7313.

8.1 Er is in het Nederlandse heffingssysteem geen plaats voor naheffing van een voorheffing ter zake van een inkomensbestanddeel indien de eindheffing ter zake van dat bestanddeel reeds heeft plaatsgegrepen (HR 5 mei 1954, BNB 1955/144 en HR 3 januari 1962, BNB 1962/61). Is de eindheffing reeds geschied zonder dat het desbetreffende inkomensbestanddeel in de aanslag inkomstenbelasting is betrokken, dan kan niet nageheven worden van de belastingplichtige: bij hem - dus in de inkomstenbelasting - kan alsdan slechts gecorrigeerd worden door middel van navordering (HR 9 december 1987, BNB 1988/73). Zolang het desbetreffende inkomensbestanddeel niet in een definitieve of navorderingsaanslag inkomstenbelasting is begrepen, kan ter zake van de voorheffing echter nog wel nageheven worden van de inhoudingsplichtige. Er bestaat systematisch voorts geen bezwaar tegen om die naheffing ten laste van de inhoudingsplichtige in stand te laten, ook als het desbetreffende inkomensbestanddeel daarna in de inkomstenbelastingheffing wordt betrokken (uiteraard mits bij de heffing van de inkomstenbelasting de reeds (na)geheven loon- of dividendbelasting ter zake van dat inkomensbestanddeel verrekend wordt met de aanslag in de eindheffing).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d73d9cbc71aaa6dee82a848f676786d2ffb2383ba6d2c905f33842875ee1e350. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d73d9cbc71aaa6dee82a848f676786d2ffb2383ba6d2c905f33842875ee1e350, en de alinea staat in dat document op bytes 32633 tot 33883.