Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 november 2002

Alinea 103 Parket bij de Hoge Raad 1 november 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE7352.

4.26. Voor wat betreft r.o. 4.3 falen de subsubonderdelen 2.1.1 en 2.1.5: het kennelijke oordeel van het hof dat [eiser 1] de te bewijzen feiten onvoldoende heeft gespecificeerd is niet onbegrijpelijk en behoefde geen nadere motivering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1fb2a070553b87826e7d9badfe08cbc626afc8df6840ddeca54b191d6a73eb7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1fb2a070553b87826e7d9badfe08cbc626afc8df6840ddeca54b191d6a73eb7a, en de alinea staat in dat document op bytes 34274 tot 34524.