Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 november 2002
Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 1 november 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE7352.
4.9. Het hof heeft kennelijk en begrijpelijk een uitleg in de hiervoor onder 4.8 bedoelde zin verworpen. Die verwerping is begrijpelijk, omdat een lezing als hier bedoeld [eiser 1] slechts een schijnrecht zou geven. Want daar komt een recht om een bod uit te brengen, waaraan [verweerder 4] zich niets gelegen zou behoeven te laten liggen (zelfs niet op zo'n bod van [verweerder 4] zou behoeven te wachten), op neer.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1fb2a070553b87826e7d9badfe08cbc626afc8df6840ddeca54b191d6a73eb7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1fb2a070553b87826e7d9badfe08cbc626afc8df6840ddeca54b191d6a73eb7a, en de alinea staat in dat document op bytes 19143 tot 19572.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1fb2a070553b87826e7d9badfe08cbc626afc8df6840ddeca54b191d6a73eb7a | shasum -a 256