Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 november 2002
Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 8 november 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE7367.
(3) Bij gelegenheid van de comparitie van partijen heeft de kantonrechter vastgesteld dat de dagvaarding aan duidelijkheid te wensen over laat en is aan [eiser] de gelegenheid geboden zijn vordering te preciseren, zie rov. 3.4 van het vonnis van de kantonrechter van 6 maart 1997. De kantonrechter heeft de volgende drie elementen in de vordering onderscheiden: I een vordering van loonbestanddelen over de periode vóór 15 mei 1993; II een vordering wegens te late afdracht van loon en van de ontbindingsvergoeding door OTIB als derde-beslagene; III een vordering op grond van het niet nakomen door OTIB van een - beweerdelijk - toegezegde kredietfaciliteit.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ddebad78b1c3e0b942bfe1ed0335507c5fe44028cd6f9bcb63b6ca944945cdc3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ddebad78b1c3e0b942bfe1ed0335507c5fe44028cd6f9bcb63b6ca944945cdc3, en de alinea staat in dat document op bytes 22493 tot 23166.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ddebad78b1c3e0b942bfe1ed0335507c5fe44028cd6f9bcb63b6ca944945cdc3 | shasum -a 256