Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 oktober 2002
Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 22 oktober 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE7623.
7. De bewijsmiddelen houden in dat verzoeker als portier in discotheek [A] te hulp werd geroepen door een caissière vanwege problemen met slachtoffer [...]. Verzoeker heeft [het slachtoffer] bij de schouder gepakt, weggetrokken bij de kassa en naar buiten geleid. Daar heeft hij samen met een andere portier ([betrokkene 1]) [het slachtoffer] met zijn armen tegen een muur gedrukt, om [het slachtoffer] rustig te krijgen. Toen dat niet lukte, leek het de portiers beter weer naar binnen te gaan, waarbij verzoeker [het slachtoffer] met een vlakke hand een duw naar binnen (in de discotheek) gaf, waarbij - zoals verzoeker zelf heeft verklaard - het mogelijk was dat [het slachtoffer] daardoor ten val kwam: een daad van geweld dus. Inmiddels was een derde portier verschenen. Portier [betrokkene 1] heeft [het slachtoffer], in aanwezigheid van verzoeker, op enig moment geslagen. Ook de derde portier heeft enkele slagen uitgedeeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc2dd11bd9c118bc0e7fb52b271bd770f3659dbc6d4096428a5e5f01d6733fee. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc2dd11bd9c118bc0e7fb52b271bd770f3659dbc6d4096428a5e5f01d6733fee, en de alinea staat in dat document op bytes 8458 tot 9404.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dc2dd11bd9c118bc0e7fb52b271bd770f3659dbc6d4096428a5e5f01d6733fee | shasum -a 256