Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 december 2002
Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 6 december 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE7656.
5.13 Hoewel ik de lijn van denken in het tweede onderdeel van het principale middel onderschrijf, meen ik dat er onvoldoende met de in 5.8 en 5.9 aangegeven contantmakingsregels strokende aanknopingspunten in te vinden zijn om er - binnen de grenzen van art. 419, lid 1, Rv. - grond voor cassatie in te vinden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c543d1be7928bc3c3835db55f00efb74ed0c87f1c7631c37204125b58b969340. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c543d1be7928bc3c3835db55f00efb74ed0c87f1c7631c37204125b58b969340, en de alinea staat in dat document op bytes 32287 tot 32610.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c543d1be7928bc3c3835db55f00efb74ed0c87f1c7631c37204125b58b969340 | shasum -a 256