Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Alinea 69 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE7658.

3.12 In wezen wordt hier mijns inziens hetzelfde betoogd als in onderdeel I.a. Zoals boven (3.2) bleek, hebben de deskundigen de saneringskosten niet in mindering op de werkelijke waarde gebracht, doch in twee stappen de werkelijke waarde berekend, nl. door de hypothetische waarde van de grond in niet-verontreinigde staat te salderen met de saneringskosten. Dat betekent dat het bedrag van ƒ 1.434.105 niet de werkelijke waarde van de onteigende zaak vertegenwoordigt, maar de waarde in de veronderstelling dat de grond niet van asbest gekuisd zou hoeven worden, en dat de verminderde gebruiksmogelijkheden niet in dat bedrag van ƒ 1.434.105 zijn verdisconteerd. Ook deze klacht faalt daarom mijns inziens.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d989ec7efa3e148e9b9ffe8152d3980d95d55edae3da9320b56baacf2ca877cb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d989ec7efa3e148e9b9ffe8152d3980d95d55edae3da9320b56baacf2ca877cb, en de alinea staat in dat document op bytes 21590 tot 22313.