Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE7842.

6) Toepassingsbereik art. 3:84 lid 2. Het onderdeel neemt tot uitgangspunt dat het bepaaldheidsvereiste van art. 3:84 lid 2 van toepassing is op een pandakte ex art. 3:239 lid 1. Uit de tekst van het tweede lid van art. 3:84, dat het bepaaldheidsvereiste betrekt op de titel, volgt dat niet zonder meer. In de literatuur bestaat over het toepassingsbereik van art. 3:84 lid 2 onduidelijkheid. Vgl. S.C.J.J. Kortmann, AA 1996, p. 119; T.H.D. Struycken, Onderneming en 5 jaar Nieuw Burgerlijk Recht 1997, p. 125-126; Brahn/Reehuis, Mon. Nieuw BW B6a 1997, nr. 40; E.B. Rank-Berenschot, NTBR 1998/5, p. 158-159; A.J. Verdaas, Onzekere zekerheid, Insolad Jaarboek 2001, p. 215-218; Snijders/Rank-Berenschot, Goederenrecht 2001, nr. 316; Pitlo/Reehuis/Heisterkamp 2001, nr. 117; Asser/Mijnssen/De Haan 2001, nr. 214. Ook in de parlementaire geschiedenis blijft de kwestie vaag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fde6a4b3aaa0364a75de28388b3ecc3418b919adf6213e3585d498be6cb4df99. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fde6a4b3aaa0364a75de28388b3ecc3418b919adf6213e3585d498be6cb4df99, en de alinea staat in dat document op bytes 11905 tot 12791.