Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 november 2002

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 22 november 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE8178.

"De rechtbank verstaat de stellingen van [eiser] aldus, dat zijn eerste uitgangspunt is dat [betrokkene 1] het rode verkeerslicht heeft genegeerd, zich in strijd met de verkeerslichtenregeling op het splitsingsvlak heeft bevonden en aldus onrechtmatig jegens hem heeft gehandeld. Indien de juistheid van deze stelling komt vast te staan is er inderdaad in beginsel sprake van onrechtmatig handelen van [betrokkene 1], waarvoor Luchthaven Schiphol aansprakelijk is. Overeenkomstig de hoofdregel van art. 177 Rv. rust de bewijslast van deze - door de Luchthaven Schiphol betwiste - stelling op [eiser]. De rechtbank zal [eiser] tot bewijslevering toelaten."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6d00ed75fd73330e3f6dae086ac4cf7ca018eb3b2fb63e927720bc69dc0088b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6d00ed75fd73330e3f6dae086ac4cf7ca018eb3b2fb63e927720bc69dc0088b8, en de alinea staat in dat document op bytes 8644 tot 9312.