Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002
Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE8338.
2.13 Tijdens de mondelinge behandeling op 29 november 2001 hebben [verweerders] hun standpunten nader toegelicht. Voorts hebben zij "enkele suggesties" gedaan(7). Zij hebben aangegeven dat de commissaris voor zijn eventuele herbenoeming verlangt dat een aansprakelijkheidsverzekering wordt gesloten, maar dat is gebleken dat verzekeraars in het geval van wanbeleid niet bereid zijn tot het afsluiten van een verzekering. [verweerders] hebben gesuggereerd dat de Ondernemingskamer op grond van art. 2: 357 lid 2 BW bepaalt dat de aandeelhouders in [verzoekster] terzake van de vervulling van zijn functie als commissaris, geen rechten tegenover deze commissaris geldend kunnen maken en dat [verzoekster] gehouden is de commissaris terzake van eventuele aansprakelijkheden op grond van de vervulling van die functie te vrijwaren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/215dc8bf159c465788ce0b4adfdc6c5440a8f5f8349eb4c80373192fa072a5dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 215dc8bf159c465788ce0b4adfdc6c5440a8f5f8349eb4c80373192fa072a5dd, en de alinea staat in dat document op bytes 11724 tot 12564.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/215dc8bf159c465788ce0b4adfdc6c5440a8f5f8349eb4c80373192fa072a5dd | shasum -a 256