Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002

Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE8338.

3.6 Op grond van bovenstaande ben ik van mening dat het de Ondernemingskamer vrijstond - afgezien van hetgeen ik hierna opmerk ten aanzien van de vierde klacht van het onderdeel - de voorzieningen die zij bij beschikking van 30 november 2000 had getroffen, te verlengen, hoewel zij daarmee andere dan door [verzoekster] verzochte voorzieningen trof. Klacht 2 treft derhalve geen doel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/215dc8bf159c465788ce0b4adfdc6c5440a8f5f8349eb4c80373192fa072a5dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 215dc8bf159c465788ce0b4adfdc6c5440a8f5f8349eb4c80373192fa072a5dd, en de alinea staat in dat document op bytes 18464 tot 18861.