Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002

Alinea 51 Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE8338.

3.10 De vierde klacht van het onderdeel is gegrond. De Hoge Raad heeft bij beschikking van 1 maart 2002(14) geoordeeld dat aan de commissaris die op grond van art. 2:356 aanhef en letter c BW wordt aangesteld, geen andere bevoegdheden kunnen worden toegekend dat de wet toelaat. Aan een door de Ondernemingskamer aangestelde commissaris bij een vennootschap die niet valt onder afdeling 6, titel 5 van boek 2 BW kan niet de bijzondere bevoegdheden van die afdeling worden toegekend. Op die grond heeft de Hoge Raad de beschikking van de Ondernemingskamer vernietigd. De thans bestreden beschikking, waarin de geldigheidsduur van de beschikking van 30 november 2000 is verlengd en derhalve opnieuw de bevoegdheden van afdeling 6 titel 5 van boek 2 BW zijn toegekend, kan aldus evenmin in stand blijven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/215dc8bf159c465788ce0b4adfdc6c5440a8f5f8349eb4c80373192fa072a5dd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 215dc8bf159c465788ce0b4adfdc6c5440a8f5f8349eb4c80373192fa072a5dd, en de alinea staat in dat document op bytes 20203 tot 21017.