Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 november 2002

Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 29 november 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE8459.

Nadat op 21 oktober 1996 en 7 april 1997 getuigenverhoren hebben plaatsgevonden, waarbij zowel [eiseres] als [verweerder] c.s. getuigen hebben doen horen, heeft de rechtbank bij eindvonnis van 29 mei 1998 geoordeeld dat [eiseres] gelet op de verklaringen van de getuigen die zij heeft doen horen, geslaagd is in het haar opgedragen bewijs. De rechtshandelingen van [eiseres] worden door de rechtbank vernietigd wegens misbruik van omstandigheden en [verweerder] c.s. worden veroordeeld om de overgemaakte bedragen te betalen aan [eiseres], vermeerderd met de wettelijke rente. Voorts wordt de vordering in voorwaardelijke reconventie afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/482ebf71aa2985748bb84adfd1193569fd404de701ef7bb14cdb26a9098f7775. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 482ebf71aa2985748bb84adfd1193569fd404de701ef7bb14cdb26a9098f7775, en de alinea staat in dat document op bytes 11501 tot 12158.