Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 november 2002

Alinea 10 Parket bij de Hoge Raad 5 november 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE8879.

4. Op de terechtzitting in hoger beroep van 13 februari 2001 is door en namens verzoeker betoogd dat verzoeker zich voor de behandeling in eerste aanleg had voorzien van de bijstand van mr Ooykaas, die zich als gekozen raadsvrouw had gesteld. Aan op deze terechtzitting overgelegde pleitaantekeningen zijn afschriften gehecht van onder meer brieven van mr Ooykaas aan de officier van justitie te Rotterdam, gedateerd 8 oktober 1998, 20 november 1998 en 5 februari 1999. In eerstgenoemde brief gaf mr Ooykaas op dat zij verzoeker als gekozen raadsvrouwe bij zou staan ter zake van een feit waaromtrent door de politie proces-verbaal was opgemaakt en in verband waarmee verzoekers rijbewijs en zijn auto in beslag waren genomen. In de tweede brief wordt melding gemaakt van twee parketnummers, waaronder het parketnummer (220080/98) dat in eerste aanleg aan de onderhavige strafzaak is toegekend. Voorts bevat de brief een herhaling van het verzoek de auto aan verzoeker terug te geven. De brief van 5 februari 1999 bevat een herhaling van het verzoek om toezending van het proces-verbaal van de politie inzake parketnummer 220080/98, die de raadsvrouwe dringend nodig had "in verband met de advisering van cliënt en de behandeling van het klaagschrift".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/72167cd19b7b9b00b9dc7f41199db8339ec605c2a8d3e2f6f7b8fc7254b365d5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 72167cd19b7b9b00b9dc7f41199db8339ec605c2a8d3e2f6f7b8fc7254b365d5, en de alinea staat in dat document op bytes 5208 tot 6474.