Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002
Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE8903.
16. Met het volgen van die laatste weg staat ook op gespannen voet, dat de reactie van de advocaat-generaal op het met het aanduiden van concrete omstandigheden gelardeerde beroep op detentieongeschiktheid niet meer dan van algemene aard is, in de geest van: daar zoeken we wel een oplossing voor. Een dergelijke algemene reactie was niet noodzakelijk, nu in eerste aanleg de raadsman ook al een beroep op detentieongeschiktheid had gedaan. De advocaat-generaal had dus voor de zitting bij het gevangeniswezen navraag kunnen doen naar het ondergaan van een gevangenisstraf door een blinde persoon en daarvan ter zitting verslag kunnen doen. Zou de advocaat-generaal dat hebben gedaan en had de raadsman daarop louter gereageerd met de mededeling dat hij bij zijn standpunt bleef, dan had het hof daaruit mogen afleiden dat hij op het betoog van de advocaat-generaal geen weerwoord had en had het hof het beroep op detentieongeschiktheid als kennelijk niet ernstig gemeend dan wel niet onderbouwd onbesproken mogen laten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee3e49c8c23df02e8640bc837baeb5f0552e21e35f2b815ad262e08399f3227b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee3e49c8c23df02e8640bc837baeb5f0552e21e35f2b815ad262e08399f3227b, en de alinea staat in dat document op bytes 15138 tot 16171.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ee3e49c8c23df02e8640bc837baeb5f0552e21e35f2b815ad262e08399f3227b | shasum -a 256