Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002

Alinea 9 Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE8903.

3. Het middel behelst de klacht dat het Hof het in hoger beroep gevoerde verweer dat verzoeker niet geschikt is om detentie te ondergaan niet, althans onvoldoende gemotiveerd heeft verworpen. Daarbij wijst de steller van het middel op HR 7 nov. 1995, NJ 1996, 166 waarin door de Hoge Raad is bepaald dat indien door of namens de verdachte gemotiveerd is aangevoerd dat deze niet in staat is gevangenisstraf te ondergaan, de rechter indien hij desalniettemin deze straf oplegt, verantwoording dient af te leggen van zijn oordeel dat verdachte een gevangenisstraf kan ondergaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee3e49c8c23df02e8640bc837baeb5f0552e21e35f2b815ad262e08399f3227b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee3e49c8c23df02e8640bc837baeb5f0552e21e35f2b815ad262e08399f3227b, en de alinea staat in dat document op bytes 4707 tot 5296.