Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 november 2002

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 12 november 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE9028.

Hij voert daartoe zakelijk weergegeven aan dat er sprake is van détournement de pouvoir nu de opsporingsambtenaren verdachte een stopteken hebben gegeven op grond van de Wegenverkeerswet 1994, terwijl er tegen verdachte op dat moment al verdenking bestond in de zin van het Wetboek van Strafvordering. Het stopteken had derhalve niet op basis van de Wegenverkeerswet 1994 doch op basis van artikel 52 Wetboek van Strafvordering moeten worden gegeven. De opsporingsambtenaren hebben aldus ten onrechte gebruik gemaakt van hun controlebevoegdheid op grond van de Wegenverkeerswet 1994 zodat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in de vervolging ter zake van het onder 1. tenlastegelegde, aldus de raadsman."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7fb705b5519be0e7b2547c2b133a0729ac66b735b67d5aef9c5fe492ebbedc9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7fb705b5519be0e7b2547c2b133a0729ac66b735b67d5aef9c5fe492ebbedc9, en de alinea staat in dat document op bytes 11725 tot 12475.