Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 november 2002
Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 12 november 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 november 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE9028.
7. De feiten en omstandigheden waarvan in cassatie moet worden uitgegaan kunnen bezwaarlijk tot de slotsom leiden dat zich een uitzonderlijk geval als bedoeld in het hiervoor onder 3. geciteerde 3.2 voordoet. Het onder 6. weergegeven verweer houdt evenmin een toelichting van de afwezigheid van de verdachte in, noch een verzoek om aanhouding van de behandeling van de zaak met het oog op de effectuering van het aanwezigheidsrecht van de verdachte of ten behoeve van het alsnog verkrijgen van een machtiging als hiervoor bedoeld, over welke onderwerpen de raadsman, ondanks het ontbreken van een uitdrukkelijke machtiging van de verdachte om de verdediging te voeren, toch het woord mag voeren. Dit betekent dat het hof de raadsman in strijd met het wettelijk systeem in de gelegenheid heeft gesteld meer aan te voeren dan vorenbedoelde onderwerpen, zodat het verweer geen behandeling behoefde.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7fb705b5519be0e7b2547c2b133a0729ac66b735b67d5aef9c5fe492ebbedc9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7fb705b5519be0e7b2547c2b133a0729ac66b735b67d5aef9c5fe492ebbedc9, en de alinea staat in dat document op bytes 12532 tot 13440.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f7fb705b5519be0e7b2547c2b133a0729ac66b735b67d5aef9c5fe492ebbedc9 | shasum -a 256