Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 december 2002
Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 24 december 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE9043.
9. 's Hofs oordeel dat de gedragingen van verzoeker gedurende de totale periode vóór 19 juli 1993, op welke datum het slachtoffer kennelijk werd opgenomen in een zorginstelling en hij dus geen contact meer had met verzoeker, als één feitencomplex moeten worden beschouwd, geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting van het begrip "gelijktijdigheid" in de zin van art. 68 Sr. Het enkele feit dat de gedragingen chronologisch na elkaar hebben plaats gevonden, staat daar niet aan in de weg (vgl. HR 13 december 1994, NJ 1995, 252; HR 29 januari 2002, LJN AD8646; HR 2 juli 2002, LJN AE 3728). Ook de omstandigheid dat in casu de gedragingen met enige tussenpozen hebben plaatsgevonden doet daar niet aan af. Niet uitgesloten is dat gedragingen die, geïsoleerd of chronologisch beschouwd, een zelfstandig strafrechtelijk verwijt kunnen verdienen tevens als onderdeel van één materieel feitencomplex kunnen worden beschouwd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/67b59ad3e3d8a4dbc4efd25309001913f0056b36356219c5e519ded7a016867d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 67b59ad3e3d8a4dbc4efd25309001913f0056b36356219c5e519ded7a016867d, en de alinea staat in dat document op bytes 17130 tot 18078.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/67b59ad3e3d8a4dbc4efd25309001913f0056b36356219c5e519ded7a016867d | shasum -a 256