Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 december 2002
Alinea 77 Parket bij de Hoge Raad 13 december 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE9243.
11. Met de door middelonderdeel 1.1 bestreden overweging dat de hiervoor onder 2 iv genoemde brief van [eiser] aan [verweerster] niet anders kan worden opgevat dan dat hij, [eiser], de beoordeling en beslissing omtrent zijn aansprakelijkheid jegens [verweerster] aan zijn verzekeraar Winterthur overliet", is tot uitdrukking gebracht dat [verweerster] de in de brief vervatte verklaring van [eiser] heeft opgevat en redelijkerwijs heeft mogen opvatten (redelijkerwijs niet anders heeft behoeven op te vatten dan als) een verklaring dat hij de beoordeling en de beslissing omtrent zijn aansprakelijkheid, waaronder ook een erkenning van aansprakelijkheid, overliet aan zijn verzekeraar Winterthur zodat [verweerster] Winterthur in zoverre mocht beschouwen als vertegenwoordiger van [eiser] en [verweerster] [eiser] ook kon houden aan de beslissingen van de verzekeraar omtrent de aansprakelijkheid van [eiser], een erkenning van aansprakelijkheid daaronder begrepen. Dat oordeel geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en het is niet onbegrijpelijk. Hetzelfde geldt voor het oordeel dat onder deze omstandigheden een door Winterthur gedane erkenning de verjaring van de vordering van [verweerster] op [eiser] stuit op de voet van het te dezen toepasselijke art. 2019 BW (oud) dat overigens niet verschilt van art. 3:318 BW; de in middelonderdeel 1.2 vervatte stelling dat stuiting van de verjaring door erkenning alleen kan plaatsvinden door een erkenning door degene tegen wie de verjaring loopt zèlf, vindt geen steun in het recht. Gegeven het oordeel dat [verweerster] bedoelde verklaring heeft opgevat en heeft mogen opvatten in de zojuist bedoelde zin, kon in het midden worden gelaten of [eiser] zijn verzekeraar daadwerkelijk de bevoegdheid had verleend namens hem de aansprakelijkheid te erkennen in dier voege dat [verweerster] [eiser] aan een erkenning zou mogen houden; dat wordt miskend door de middelonderdelen 1.3 en 1.4.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a5282acbdb00f9f157c96110562186409f6b32310052e570c136abce1905a890. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a5282acbdb00f9f157c96110562186409f6b32310052e570c136abce1905a890, en de alinea staat in dat document op bytes 30472 tot 32431.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a5282acbdb00f9f157c96110562186409f6b32310052e570c136abce1905a890 | shasum -a 256