Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Alinea 63 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE9249.

24. Vooruitlopend op een hierna (in alinea's 50 e.v.) nog te verrichten onderzoek naar de feitelijke grondslag voor de aanstonds te noemen gegevens, wil ik de vraag waar het in deze zaak vooral om gaat, daarom als volgt samenvatten: mogen overheidsinstellingen - in dit geval het PVV en/of het PvV - het erheen leiden dat ten dienste van de handhaving van een publiekrechtelijk verbod waarvan de handhaving van aanzienlijk belang wordt geacht (kort gezegd: het verbod van toepassing van verboden stoffen - ik herhaal: een verbod dat algemeen als heilzaam wordt beschouwd), een privaatrechtelijke instelling in het leven wordt geroepen (en door de betreffende lichamen wordt voorzien van (geld)middelen en (opsporings- en onderzoeks)bevoegdheden) die zich (mede) tot taak stelt om door een (grootschalig) systeem van privaatrechtelijk bedongen sancties te komen tot een aanzienlijk effectievere handhaving, dan de beschikbare publiekrechtelijke middelen mogelijk maken?

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1d2f2296a81452298870556dddc388f38935d8fc139cb8a6911c4fc01c395807. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1d2f2296a81452298870556dddc388f38935d8fc139cb8a6911c4fc01c395807, en de alinea staat in dat document op bytes 26016 tot 26997.