Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE9253.

In casu is van belang dat [verweerster] voor de inspectie afhankelijk was van de medewerking van [eiser]. Immers, de kantonrechter heeft in zijn tussenvonnis van 1 april 1998 bepaald dat op [eiser] de plicht rustte de deskundige te benaderen voor het vaststellen van de inspectiedatum. Klaarblijkelijk en niet onbegrijpelijk stelde de rechtbank zich op hetzelfde standpunt, nu zij heeft overwogen dat gesteld noch gebleken is dat het feit dat de inspectie pas na 18 mei plaatsvond (uitsluitend) aan [verweerster] te wijten is dan wel voor haar rekening dient te komen. Dit betekent dat het na de bereidverklaring door [verweerster] op de weg lag van [eiser] om de voor de inspectie noodzakelijke voorwaarden te scheppen (benadering van de deskundige; het arrangeren van een afspraak). Uit de aanvaarding door [eiser] van het aanbod van [verweerster] heeft de rechtbank kennelijk en niet onbegrijpelijk afgeleid dat hij daartoe ook bereid was. M.i. geeft de beslissing dat in dit een en ander een zuivering van het verzuim is gelegen, niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en zij is evenmin onbegrijpelijk. Bovendien kan worden gesteld dat [eiser], toen hij het treffen van de voormelde maatregelen achterwege liet, in schuldeisersverzuim geraakte (art. 6:58). Hierin is zo nodig een additionele grond gelegen voor het eindigen van [verweersters] verzuim (art. 6:61).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/76bc3c15f7a97776bb0470ed985edb734786d28cc25289be3c787521bc98c99f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 76bc3c15f7a97776bb0470ed985edb734786d28cc25289be3c787521bc98c99f, en de alinea staat in dat document op bytes 35106 tot 36492.