Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 december 2002
Alinea 160 Parket bij de Hoge Raad 6 december 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AF0108.
Wat het hof t.a.p. overweegt laat zich evenwel - niet onbegrijpelijk - lezen als een nadere motivering geven aan de hand van het - richtinggevende - criterium van de perceptie van de gemiddelde vakman. Aldus gelezen, zegt 's hofs hier aangevallen overweging niet meer en niet minder dan dat 'de vakman' door de bewuste passage van het arrest genoemde onderdelen van het octrooischrift zal worden gesterkt in de volgens het hof toch al plausibele lezing. Zo'n oordeel, wars van leerstelligheden, lijkt mij een feitelijk waarderingsoordeel. Het gaat niet uit van een onjuiste rechtsopvatting, mede blijkens HR 10 juni 1983, NJ 1984, 32 (Pfizer/Pharmon), r.o. 3.2.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/be1edcc0d8ca6c1da24b4251e90397a728302681329a5bd639b1e8556d9dfd93. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt be1edcc0d8ca6c1da24b4251e90397a728302681329a5bd639b1e8556d9dfd93, en de alinea staat in dat document op bytes 51863 tot 52538.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/be1edcc0d8ca6c1da24b4251e90397a728302681329a5bd639b1e8556d9dfd93 | shasum -a 256