Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Alinea 41 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AF0198.

Deze klacht is gegrond. In de door het middelonderdeel aangehaalde passages uit de conclusie van repliek heeft Zürich betoogd dat er verschillende contacten tussen het notariskantoor en Zürich zijn geweest, dat de notaris dan wel de kandidaat-notaris in die contacten met geen woord heeft gerept over het feit dat de ter beschikking gestelde gelden zouden worden gebruikt voor de betaling van de koopsom voor de aandelen en dat Zürich in de mondelinge contacten met het notariskantoor heeft laten weten dat zij uitsluitend een activa-transactie wilde financieren en dat zij een pandrecht op de assurantieportefeuille zou verkrijgen. Onbegrijpelijk is derhalve 's Hofs oordeel dat de stelling van Zürich dat er meerdere (telefonische) contacten tussen partijen zijn geweest, moet worden gepasseerd op de grond dat Zürich niet heeft gesteld wat daarbij tussen partijen zou zijn gecommuniceerd. Dit brengt op zichzelf reeds mee dat 's Hofs bestreden arrest niet in stand kan blijven nu het Hof bij zijn oordeel dat geen sprake is geweest van onzorgvuldig handelen van de notaris ervan is uitgegaan dat tussen partijen niet meer contacten zijn geweest dan de contacten die worden weergegeven in meergenoemde fax d.d. 2 december 1994 (één telefoongesprek en één faxbericht met bijlage).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c91c2ea7a1aed8c2b5a2a35fcab089770f805650b98ea26fc564b6462331f6d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c91c2ea7a1aed8c2b5a2a35fcab089770f805650b98ea26fc564b6462331f6d8, en de alinea staat in dat document op bytes 20619 tot 21922.