Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002
Alinea 54 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AF0198.
18. Middelonderdeel 4 stelt aan de orde of de notaris - in het kader van de jegens Zürich als derde-belanghebbende in acht te nemen zorgvuldigheid - had behoren te onderzoeken of de transactie(s) nietig was (waren) wegens strijd met de wet, in casu art. 17 Wet Assurantiebemiddeling alsmede art. 2:207c BW, zoals Zürich had aangevoerd. Het onderdeel betoogt dat - anders dan het Hof heeft aangenomen - de omstandigheid dat Zürich "niet de cliënte van de notaris was en niet partij bij de akte was", niet afdoet aan hetgeen de notaris, gelet op zijn positie in het maatschappelijk verkeer en het vertrouwen dat hij als zodanig geniet, bij een redelijke uitoefening van zijn taak betaamt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c91c2ea7a1aed8c2b5a2a35fcab089770f805650b98ea26fc564b6462331f6d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c91c2ea7a1aed8c2b5a2a35fcab089770f805650b98ea26fc564b6462331f6d8, en de alinea staat in dat document op bytes 31808 tot 32511.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c91c2ea7a1aed8c2b5a2a35fcab089770f805650b98ea26fc564b6462331f6d8 | shasum -a 256