Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AF0198.

's Hofs oordeel dat het - daargelaten de juistheid van de stelling van Zürich dat de akte bedrijfsoverdracht nietig zou zijn wegens strijd met de Wet Assurantiebemiddeling - niet tot de zorgplicht van de notaris behoorde dit aspect te onderzoeken aangezien Zürich geen partij bij de akte bedrijfsoverdracht was, geeft derhalve blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Het Hof is niet ingegaan op de stelling van Zürich dat de aandelenoverdracht verboden was gezien art. 2:207c BW en mitsdien nietig, althans dat de aandelenoverdracht materieel de consequenties had die de wetgever heeft willen verbieden. Ook hier klaagt het middelonderdeel terecht dat het Hof zich niet had mogen onthouden van een oordeel over deze stelling op de grond dat Zürich geen partij was bij de aandelenoverdracht; dit geldt temeer nu het Hof van oordeel was dat de notaris ervan mocht uitgaan dat de door Zürich ter beschikking gestelde gelden dienden ter financiering van de aandelentransactie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c91c2ea7a1aed8c2b5a2a35fcab089770f805650b98ea26fc564b6462331f6d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c91c2ea7a1aed8c2b5a2a35fcab089770f805650b98ea26fc564b6462331f6d8, en de alinea staat in dat document op bytes 33961 tot 34951.