Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Alinea 75 Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AE8398.

5.3 Art. 3 Wet LB bestempelt daarnaast een aantal andere arbeidsverhoudingen tot dienstbetrekking voor de toepassing van de Wet LB (de zogenoemde fictieve dienstbetrekkingen). Op grond van art. 4 Wet LB kunnen voorts bij a.m.v.b. nog andere arbeidsverhoudingen als dienstbetrekking worden aangemerkt. Daaraan is uitvoering gegeven in artt. 2 e.v. van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965. Een van de daar genoemde fictieve dienstbetrekkingen is de arbeidsverhouding van degene die onbezoldigd arbeid verricht ten behoeve van een vennootschap waarin hij een aanmerkelijk belang heeft (art. 4, onderdeel d, LB, juncto art. 2h Uitvoeringsbesluit LB).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7bee235e274e542310662440f70c1ccd440a155644171e7c25690852852e988a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7bee235e274e542310662440f70c1ccd440a155644171e7c25690852852e988a, en de alinea staat in dat document op bytes 33710 tot 34376.