Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Alinea 358 Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AE8403.

"(...) wat er gebeurt met de fictieve rente als de aandeelhouder in een land woont waarmee Nederland een met het NSV overeenkomend verdrag heeft gesloten. Allereerst is er natuurlijk de vraag of artikel 11 van dit verdrag daarop van toepassing is: is er sprake van "interest ... betaald aan een inwoner van de andere Staat"? Artikel 24, lid 4 Wet IB spreekt van "inkomsten uit vermogen" hetgeen ruimer is dan "interest". Voorts is de fictieve rente niet "betaald." De vergelijking met het huurwaardeforfait (art. 42a IB) dringt zich op: dit wordt bij buitenlands belastingplichtigen in het binnenlands onzuiver inkomen begrepen. Het verschil is echter dat het huurwaardeforfait slechts een kwantificering is van het genot dat de belastingplichtige daadwerkelijk heeft van zijn woning. In lijn daarmee betreft art. 6 NSV "inkomsten verkregen door een inwoner". Bij de fictieve rente geniet de crediteur niets. Er lijken dus goede gronden aanwezig om aan te nemen dat de fictieve rente niet door artikel 11 van het NSV zal worden beheerst; in dat geval zou hij onder artikel 22 (overige inkomsten) vallen. Dit maakt voor de heffingsbevoegdheid niet uit, omdat in beide gevallen slechts de woonstaat bevoegd is tot heffen. In een aantal verdragen echter kan Nederland onder het interest artikel wel, zij het beperkt, heffen; in die gevallen is het onderscheid wel van belang. (...)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d7bc190f6b5e30c10008e2451cf6ab11460ff29ee3cb3c3ab0ff54401f8aa07f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d7bc190f6b5e30c10008e2451cf6ab11460ff29ee3cb3c3ab0ff54401f8aa07f, en de alinea staat in dat document op bytes 159689 tot 161080.