Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003
Alinea 409 Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 september 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AE8404.
71 Kavelaars plaatst hier een voetnoot: "Het bekendste voorbeeld is te vinden in HR 3 juli 1991, nr. 25 308, BNB 1991/248, waarin de Hoge Raad niet heeft aanvaard dat de fictie van het voormalige art. 31, derde lid, Wet IB 1964 (verkoop van een aandeel in het zicht van liquidatie is dividend) ook voor verdragsdoeleinden geldt." Ik merk op dat mij dit geen goed voorbeeld lijkt, nu het in dat arrest om "omkwalificatie" van een daadwerkelijk genoten voordeel ging, en niet om de vraag of een nationale genietingsfictie doorwerkt naar de verdragstoepassing.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/955e5d0d26727ac47e1f4db32d2c13bedfef45c3f715dfe8c1ebf0e071fbc5b3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 955e5d0d26727ac47e1f4db32d2c13bedfef45c3f715dfe8c1ebf0e071fbc5b3, en de alinea staat in dat document op bytes 179684 tot 180254.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/955e5d0d26727ac47e1f4db32d2c13bedfef45c3f715dfe8c1ebf0e071fbc5b3 | shasum -a 256