Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 april 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AE8771.

12. Bij dat onderzoek past niet een aanname of uitgangspunt waarop de steller van het middel kennelijk doelt met de woorden "weerlegbaar rechtsvermoeden". Iets anders is dat de rechter er voor moet waken dat hij, het optreden van het openbaar ministerie toetsend aan ongeschreven rechtsbeginselen, niet dóórdringt tot in de aan het openbaar ministerie voorbehouden beoordelings- en beslissingsruimte. 'Marginale toetsing' is in dit verband het geijkte begrip. Hoe terughoudend die rechterlijke toetsing moet zijn om geen afbreuk te doen aan de te respecteren beslissingsruimte van het openbaar miniserie wordt mede bepaald door de aard van het ingeroepen ongeschreven rechtsbeginsel. Bij een beroep op het vertrouwensbeginsel zal de rechter de beslissingsruimte van het openbaar ministerie niet miskennen door tamelijk diepgaand na te gaan of de gestelde uitlating een bepaalde verwachting heeft kunnen wekken. Bij een beroep op het gelijkheidsbeginsel zal de rechter daarentegen nauwelijks méér kunnen vaststellen dan dat een ongelijke behandeling aan strafrechtelijke rechtshandhaving inhaerent is, aangezien de beperkte capaciteit van het handhavingsapparaat er nu eenmaal toe leidt dat lang niet alle bedrijvers van strafbare feiten op dezelfde wijze aangepakt kunnen worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ecc7d7e3d52f0557dc10303a9d519c94e538372e004175e67fbc0f34acf3950e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ecc7d7e3d52f0557dc10303a9d519c94e538372e004175e67fbc0f34acf3950e, en de alinea staat in dat document op bytes 13568 tot 14865.