Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2003

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AE8779.

23. Naar ik meen moet dit deel van de verklaring van de verbalisant niet zo worden gelezen dat hij verklaart dat verdachte heeft gehandeld in verdovende middelen. Dat zal de verbalisant ook niet hebben willen uitdrukken. Deze zinsnede moet worden begrepen tegen de achtergrond van de aanleiding voor het onderzoek dat door hem werd ingesteld. Zoals hij zelf schrijft werden hem gegevens ter beschikking gesteld uit een onderzoek naar handel in verdovende middelen door verdachte met de vraag na te gaan of verdachte die handel ook had opgegeven op de periodieke verklaringen. Zijn onderzoek brengt hem dan tot de conclusie dat dat niet het geval is. Verder vermeldt hij dat daarvan op de periodieke verklaringen wel melding had moeten worden gemaakt. Dat laatste kan hij als sociaalrechercheur, dus als deskundige op het gebied van de sociale zekerheidswetten, wel verklaren.(6)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee9d89215d2ad75ff7a85f01974001d2b880657aaae5ce5ebb53119c8d4ce516. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee9d89215d2ad75ff7a85f01974001d2b880657aaae5ce5ebb53119c8d4ce516, en de alinea staat in dat document op bytes 18288 tot 19179.