Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003

Alinea 73 Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 mei 2003, ECLI:NL:PHR:2003:AE8795.

"Het onderscheiden van ondernemings- en privé-vermogen verloopt met betrekking tot het firmavermogen in beginsel langs dezelfde lijnen als bij het vermogen van een eenmansondernemer. (..). De categorie van het keuzevermogen wordt bij de VOF door de Hoge Raad iets ruimer omschreven dan bij de eenmansondernemer: "'s Hofs oordeel, dat tot het fiscale bedrijfsvermogen van de firmanten ener vennootschap onder firma naast de zaken, welke onmiddellijk voor de bedrijfsuitoefening dienen, ook kunnen behoren zaken, welke hiermede in een meer verwijderd verband staan, zoals gelden, effecten en ook onroerende goederen, welke tot versteviging van het bedrijf dienen en in daartoe leidende gevallen ten behoeve van het bedrijf kunnen worden aangesproken - mits deze zaken niet dienstbaar zijn aan het persoonlijk belang van de vennoten - is juist." HR 2 februari 1966, nr. 15527, BNB 1966/90 (noot L. Lancée.) Alleen zaken die het privé-belang van de vennoten dienen, vallen derhalve buiten de keuzevrijheid. Alle overige vermogensbestanddelen, ook al vervullen deze geen functie in de onderneming, kunnen ondernemingsvermogen voor de firmanten zijn. In HR 29 augustus 1984, nr. 22329, BNB 1985/15 (noot G. Slot) werd deze lijn doorgetrokken.".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f5094bc61b67c70530f695891a22bb43696d004129a86e43178ab61c9e702553. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f5094bc61b67c70530f695891a22bb43696d004129a86e43178ab61c9e702553, en de alinea staat in dat document op bytes 21785 tot 23039.